Monday, January 16, 2012

Week 3

.


Paradigmawisseling. Met de hernieuwde aandacht voor levenskunst en voor filosofie als een manier van leven is een nieuw paradigma in filosofie zich breed aan het maken. In het voorgaande, ‘moderne’ paradigma ging het de filosofie om zekere kennis, hetgeen buitengewoon vruchtbaar is gebleken voor de ontwikkeling van moderne wetenschap. In het nieuwe paradigma, dat je grofweg zou kunnen laten beginnen met het existentialisme en met de ontwikkeling van praktische vormen van filosofie (als oefening), gaat het wederom om denken dat het goede leven dient. Met ‘hoe te leven’ en ‘hoe samen te leven’ als basisvragen, - een renaissance van vragen die ook in de Oudheid al maatgevend waren voor de werkzaamheid van filosofie; de context is evenwel anders en dit vergt een her-denking van filosofie als activiteit.



Levenskunst wordt gemakkelijk tot vehikel voor egocentrische bijziendheid. De slogan ‘Verander de wereld en begin bij jezelf’ wordt niet zelden met graagte aangegrepen om zich voortaan met een ‘goed geweten’ slechts bezig te houden met het persoonlijke welzijn, geïsoleerd van cultureel-maatschappelijke kwesties.



De vraag bij uitstek van levenskunst is ‘hoe te leven’, met levenshouding als het kunstwerk-in-wording. Mij ontgaat hoe je bij de vraag ‘hoe te leven’ ontkomt aan betrokkenheid bij anderen en aan de wereld om je heen.



Levenskunst is iets anders dan engagement, maar ze kunnen niet zonder elkaar. Het eerste betreft de eigen levenshouding; het tweede de betrokkenheid bij anderen en op de wereld om ons heen. Beide gerichtheden komen bij elkaar in hetzelfde individu, als kruisende aandachtslijnen. Van elkaar losgemaakt dreigt de focus op de zorg voor het zelf te verworden tot egocentrisme, in de meest letterlijke zin, en dreigt engagement te stranden in zelfvergetelheid, - iets waar uiteindelijk niemand baat bij heeft.



Kant versus advaita. Als verbeeldingskracht, verstand en rede onontkoombaar menselijk zijn, als zij zorgen voor menswaardigheid (in moraal), en als ook intelligentie en creativiteit onvoorstelbaar zouden zijn zonder, hoe kan men dan doen alsof zij van secundair belang zijn, omwille van een spiritueel ideaal? – of er zelfs van af willen...



Humanisme. Ik beschouw mezelf als een humanist, wanneer onder ‘humanisme’ wordt verstaan: jezelf en anderen in de eerste plaats als mensen zien, en niet als medegelovige of als iemand die dezelfde levensovertuiging deelt. Menszijn gaat vooraf aan elke bepaling of invulling die je er vervolgens aan kunt geven: levensovertuiging, levenstijl, seksuele voorkeuren, etc etc. Elkaar basaal als mensen zien betekent dus: jezelf en de ander als individu serieus nemen, en niet als onderdeel van een groep.



Humanisme impliceert dat je ter rechtvaardiging van een opvatting of gewoonte nooit een beroep kunt doen op een groep of op een geloof, maar alleen op je menszijn.



Menszijn. Wat veronderstel je wanneer je zegt dat je jezelf en anderen in de eerste plaats van mens wilt zien? Is dit een kale notie? Of veronderstelt zij vorming?



Menselijke conditie. We zijn geworpen in een bestaande wereld. Onze pluriformiteit aan levensbeschouwelijke posities gebeurt niet in een culturele woestijn, alsof we het leven telkens weer vanaf nul zouden beginnen. Zelfs een zandbak is, zeker in Nederland, aangelegd.



Humanisme: voor wie willen worden!



Levensbeschouwing is een visie op menswaardigheid, op hoe het leven zou kunnen en/of moeten zijn, op de belofte van menszijn. De vraag is dan: van waaruit beschouw je het leven? Of: met het oog waarop? De meeste religies beschouwen het leven vanuit, of met het oog op een cruciale en maatgevende ervaring of gebeurtenis. In het Christendom is dat het leven van Jezus (inclusief zijn boodschap, het evangelie, en zijn dood). In het Boeddhisme is dat de verlichting of het ontwaken van de Boeddha. In het Hindoeïsme, en speciaal in Advaita, gaat het om ‘zelf’-realisatie. Etc. De levensbeschouwing van die religies, evenals hun rituelen, teksten, feesten e.d., draaien allemaal rond die cruciale en maatgevende ervaring of gebeurtenis: van hieruit wil men het leven beschouwen. In het humanisme, als levensbeschouwing, lijkt een dergelijke cruciale en maatgevende ervaring of gebeurtenis te ontbreken. Of het zou het alledaagse welzijn moeten zijn. Niet zo ‘spectaculair’ als een verlichting, verlossing of ‘zelf’-realisatie, maar gewoon. Is dat voldoende?


Compassie: achter iedere lul steekt een mens!


Vrijgevigheid zou een artistieke en intellectuele deugd moeten zijn. Niets achterhouden. Zonder reserve je beste krachten geven. Vrijgevigheid creëert creativiteit.






.

No comments:

Post a Comment