Thursday, October 18, 2012

Week 41

.




Wat zegt het over menszijn dat we discipline nodig hebben, willen we (blijven) doen wat we werkelijk willen?


Is godsdienst de glorie van het intuïtieve weten? En wanneer dat weten uitkristalliseert in kennis en zichzelf bewust wordt als fase in de culturele evolutie van menselijk leven, wat gebeurt er dan met godsdienst? Blijft er dan nog iets van over, behalve (hardnekkige) residuen?


Conceptuele crisis. Leven we op een breukvlak? Zal de komende eeuw radicaal verschillen van afgelopen eeuwen, of is er slechts sprake van een gradueel verschil met eerder? (Gelet op ontwikkelingen in de wetenschap, op economische globalisering en geopolitieke aardverschuivingen, en op veranderingen in de wereld van communicatie en technologie, met onvoorzienbare gevolgen voor het dagelijks leven.) Is het eerste het geval, dan is de vraag wat we nog van het verleden kunnen leren. Zijn dan niet alle parameters zodanig aan het verschuiven, dat een algehele heroriëntatie nodig is, inclusief de noodzaak van nieuwe concepten die het veranderde denkbaar moeten maken? En zelfs als niet alles schuift, hoe weten we dan wat hetzelfde blijft?


Zou het kunnen dat zich in de massieve declassering van menselijk streven als ‘ego’ (in Oosters denken) een premoderne opvatting van menszijn meldt, die wij Westerlingen door de afstand in cultuur ten onrechte buitengewoon serieus nemen? En als dat zo is, wat verandert de ik-zeggende individualiteit (als exponent van het moderne tijdperk) dan aan de boodschap van, bijvoorbeeld, het Boeddhisme?


Levenszin. Er zin in hebben is geen resultaat, maar een besluit.






.

No comments:

Post a Comment