Zoals kinderen door vragen en nieuwsgierigheid de wereld
leren kennen, zo zou je filosofie op kunnen vatten als een voortgezette
zoektocht naar een gebruiksaanwijzing bij het leven.
Kant herlezen. Zou ik mij bezig moeten houden met metafysica, als daarmee bedoeld wordt: betrokken op een (mogelijke) werkelijkheid die de onze transcendeert?
Kant herlezen. Zou ik mij bezig moeten houden met metafysica, als daarmee bedoeld wordt: betrokken op een (mogelijke) werkelijkheid die de onze transcendeert?
Mij interesseert de wereld zoals ik die alledaags meemaak,
met bijzondere aandacht voor het spanningsveld tussen beleving enerzijds en
objectiverend denken anderzijds. Buiten dit spanningsveld gaat mijn interesse eigenlijk niet,
wat de werkelijkheidsvraag betreft.
Of er een ‘bovennatuurlijke’ werkelijkheid bestaat, is geen
vraag die me bezig houdt; en dat geldt ook (het bestaan van) een God of ‘iets’
goddelijks.
Vrijheid blijft een relevant thema, maar heb je daar een
noumenale werkelijkheid voor nodig, zoals Kant meent? En ‘ziel’ zou interessant
kunnen zijn, als belevingsconcept; maar als ziel ‘iets’ betreft dat moet kunnen
voortbestaan, dan dooft mijn aandacht.
Nog zo’n metafysische kwestie: de kosmos en de tijd. Van
belang? Ik heb het nog niet kunnen ontdekken. Hoe de kosmos is ontstaan, en of
hij eeuwig is of niet, zijn geen vragen die mijn belangstelling wekken. Ook
niet als existentiële kwestie. Ik zie de relevantie niet om je er druk over te
maken, behalve uit nieuwsgierigheid. Geen mens is er bij geweest, en ik zou
niet weten hoe je ooit zekerheid omtrent het eventuele ontstaan van de kosmos
zou kunnen krijgen. Wetenschappelijk is het onderwerp van onderzoek, prima, en
zoals dat gaat in wetenschap: er wordt een theorie hooggehouden tot nader orde,
- niet iets om je op te baseren dus.
Heb sterk het vermoeden dat de kwestie van het ontstaan van
de kosmos in het leven is geroepen om andere redenen dan de kwestie zelf, en
wel om een soort godsbewijs te leveren, of om mensen in verlegenheid te brengen
over deze zogenaamd belangrijke vraag, waarna een godsdienstig antwoord uit de
toverhoed wordt gehaald, om begoochelden vervolgens van nog veel meer te kunnen
overtuigen.
Maar wat als het kosmische ontstaan een non-issue is? - niet
van belang voor het dagelijks bestaan, noch voor de zinvraag, en evenmin voor het
bewustzijn dat zichzelf serieus neemt.
En dat geldt evenzeer voor andere transcendente kwesties.
Waarom zijn ze überhaupt een kwestie?
Is de aandacht voor het transcendente niet eerder een teken
van een tekort aan denken, al dan niet gecombineerd met een ongelukkig
bewustzijn?
.
No comments:
Post a Comment